De ring, de worstelaars en de training
Begin met dohyo, de sumoring, en mawashi, de band die tijdens het worstelen wordt gedragen. Rikishi betekent sumoworstelaar en keiko verwijst naar oefening of training. Met deze woorden kun je beschrijven wat je ziet en eenvoudige vragen stellen. Je hoeft niet alles perfect te kunnen uitspreken voordat je komt. Luister hoe je instructeur en tolk de termen gebruiken en koppel elk woord aan de demonstratie die je ziet.
Herken woorden voor bewegingen en technieken
Shiko is een basisbeweging van sumo, vaak herkenbaar aan het optillen van het been en het krachtig neerzetten van de voet. Suriashi betekent schuivend voetenwerk. Kimarite is een winnende techniek; de Japan Sumo Association houdt hiervan een geïllustreerde catalogus bij. Twee voorbeelden zijn oshidashi, de tegenstander naar buiten duwen, en yorikiri, de tegenstander met nauw lichaamscontact naar buiten dwingen. Zie deze namen als begrippen die je tijdens het kijken kunt herkennen. Geschreven uitleg vervangt niet de begeleiding van de instructeur over wat je zelf tijdens de sessie kunt proberen.

Gebruik een paar woorden goed
Basho betekent toernooi en banzuke is de ranglijst van professionele sumo. Samen met de andere termen helpen deze woorden onderscheid te maken tussen training, wedstrijden en de betrokken mensen. Kies vóór de sessie twee vragen die je interesseren, in plaats van een lange woordenlijst te leren. Noteer achteraf welke woorden je werkelijk hoorde en in welke context. Zo’n kleine persoonlijke woordenschat onthoud je makkelijker als je later een partij kijkt of officiële sumobronnen leest.



